Reken op 1,5 tot 1,6 kg egaline per vierkante meter per millimeter laagdikte. Dat staat op vrijwel elke zak in ons assortiment en het is de enige rekenregel die je nodig hebt. Een kamer van 30 m² die je gemiddeld 3 mm dik giet vraagt dus 30 × 3 × 1,6 = 144 kg, oftewel zes zakken van 25 kg. Hieronder hoe je aan die gemiddelde laagdikte komt, want dat is het stuk waar mensen misrekenen.
Moet je eigenlijk wel egaliseren?
Niet altijd. Leg een rechte lat van 2 meter op de vloer en kijk of er licht onder door komt. De vuistregel die legger en fabrikant allebei aanhouden: meer dan 3 mm speling onder een lat van 2 meter, dan egaliseren. Daaronder hangt het af van wat erop komt.
- Plak-PVC wordt volledig verlijmd en volgt elke oneffenheid. Elke bobbel die je nu voelt, voel je er straks doorheen. Hier egaliseer je bijna altijd.
- Klik-PVC en kliklaminaat liggen zwevend en overbruggen kleine oneffenheden met de ondervloer. Bij een licht golvende vloer kun je hiermee wegkomen, maar bij grotere holtes gaan de kliknaden werken en op termijn kraken.
- Een houten vloer op regels vraagt geen egaline maar een vlakke regelverdeling.
Twijfel je, dan is egaliseren de goedkope verzekering: de egaline voor een woonkamer kost een fractie van de vloer erboven, en een vloer die eenmaal ligt haal je er niet meer uit om alsnog te vlakken.
De laagdikte bepalen, niet gokken
Leg een rechte lat of een waterpas van minstens 2 meter op de vloer en meet op de diepste plek hoeveel ruimte eronder zit. Doe dat op vijf of zes plekken, verspreid door de kamer. Je hebt nu twee getallen nodig:
- De diepste holte bepaalt of je product geschikt is. Onze egalines lopen van 1 tot 30 mm laagdikte per gietbeurt; kom je dieper, dan moet je in twee lagen werken of een ander product nemen.
- De gemiddelde laagdikte bepaalt hoeveel je bestelt. Dat is niet het gemiddelde van je metingen: egaline vloeit uit tot een vlak, dus je vult ook de plekken die maar half zo diep zijn. Tel bij het gemiddelde van je metingen 1 mm op als minimale laag over de hoge plekken, en rond naar boven af.
Een vloer die op de diepste plek 5 mm zakt en gemiddeld 2 mm, reken je dus door met 3 mm.
Rekenvoorbeeld: een woonkamer van 30 m²
| Stap | Rekensom | Uitkomst |
|---|---|---|
| Oppervlak | 6 × 5 meter | 30 m² |
| Gemiddelde laagdikte | gemeten 2 mm, plus 1 mm minimumlaag | 3 mm |
| Kilo’s egaline | 30 × 3 × 1,6 | 144 kg |
| Zakken van 25 kg | 144 ÷ 25 = 5,8 | 6 zakken |
| Primer | 30 m², één laag | meestal 1 jerrycan |
Rond altijd naar boven af en neem liever één zak te veel. Halverwege een gietvloer naar de winkel moeten is geen optie: de eerste laag is dan al aan het binden en je krijgt een zichtbare overgang.
Welke zak past bij jouw ondergrond
Onze egalines beginnen bij € 33,50 voor 20 kg. Vier veelgebruikte:
- Thomsit XF300 (20 kg, € 33,50) en XF500 (20 kg, € 36,95): hybride egalines voor de meeste ondergronden, 1,6 kg per m² per mm.
- Kerakoll Planogel Rheo (25 kg, € 36,95): van 1 tot 30 mm in één laag, handig bij een flink scheve vloer.
- Wakol A885 (25 kg, € 39,50): gipsgebonden, 1,5 kg per m² per mm.
- Thomsit FA97 (25 kg, € 62,50): vezelversterkt, voor een houten ondergrond die meebeweegt.
Op hout of spaanplaat heb je bijna altijd een vezelversterkte of speciaal daarvoor bedoelde egaline nodig; een gewone cementgebonden laag scheurt daar. Twijfel je over je ondergrond, vraag het ons dan even, dat scheelt een mislukte gietvloer.



Vergeet de primer niet
Egaline zonder primer hecht slecht en droogt te snel uit, waardoor er belletjes en krimpscheuren ontstaan. Op een zuigende ondergrond zoals beton of anhydriet is primer geen extra, het hoort erbij. Op een gladde, niet-zuigende ondergrond gebruik je een hechtprimer, wat een ander product is. Op de productpagina staat per primer waar hij voor bedoeld is.
De volledige werkwijze, van schoonmaken tot de laatste baan, staat in Vloer egaliseren stap voor stap. Hoeveel de vloer eroverheen kost lees je in Wat kost een nieuwe vloer.